vrijdag 6 september 2013

Taal en rekenen in de ouderenzorg



Een zaaltje met bezorgde 80- en 90-plussers in een kring en een enkele jongere senior die is meegekomen met zijn vader of moeder om te horen wat Icare van plan is met de dagactivering.
Het afgelopen jaar werd er in dreigende taal in de Nieuwsbrieven gepreludeerd op de vele veranderingen die er in de zorg op komst zijn en die ook gevolgen zouden hebben voor de dagactivering. Sommige ouderen hebben slapeloze nachten van het tobben over hoe het nu toch verder moet. Ze zijn verknocht aan hun vaste groep met mensen met wie ze een paar keer per week aan de dagactivering deelnemen. Een andere groep, op een andere plek, ze moeten er niet aan denken.

De medewerker van Icare begint zijn verhaal met de missie en visie, praat over liefde voor de mensen en dat hij graag wil weten wat hun wensen zijn. Dat er een kanteling in het denken over zorg zal moeten plaatsvinden omdat het allemaal te duur wordt etc.

De ouderen zijn vooral bezorgd of de dagactivering met hun vaste begeleiders kan blijven bestaan. Als er geen geld meer is om ruimte te huren, mag Icare de woonkamer van één van de ouderen wel als ruimte gebruiken. Een andere oudere suggereert dat ze wel een eigen bijdrage wil betalen. Waarop iemand gelukkig te berde brengt dát ze allemaal allang een eigen bijdrage betalen om deel te nemen. En ook wettelijk is het Icare verboden om een extra eigen bijdrage te vragen zo blijkt.

Maar Icare komt wel € 200.000 tekort. De chauffeurs van de firma Noot die de mensen naar de dagactivering brengen kan Icare straks ook niet meer betalen. Ze kregen eerst € 21 per “vervoersbeweging” en nu nog maar € 7, dus ja, wat wil je. Dus nu is het plan om vrijwilligers te vragen dat werk te gaan doen.
Tegen dat de chauffeurs hun baan zo kwijtraken en dan straks zeker als vrijwilliger dit werk kunnen gaan doen, wordt geprotesteerd. Dat is geen wenselijke ontwikkeling. Maar volgens de Icare medewerker kan het niet anders.
Even later blijkt – tussen de regels door - dat zélfs wordt overwogen om de professionele zorgmedewerkers van de dagactivering te vervangen door vrijwilligers!
Wij zijn verbijsterd. We hadden verwacht dat de Icare medewerker pal zou gaan staan voor de goede professionele zorg en veilig vervoer en op de bres zou springen voor de klanten, maar dat was een grote misrekening.

Rekent u even mee?
Icare maakt deel uit van Espria, de organisatie die over 2012 een geconsolideerd resultaat van € 27,3 miljoen positief had. Volgens de Icare medewerker was het maar € 16,5 miljoen, ook geen klein beetje, en die was bestemd voor innovatie. Maar ik zou toch zeggen dat pas als een organisatie zijn primaire taken naar behoren uitvoert, er financiële ruimte is voor innovatie. Het kan niet zo zijn dat beknibbeld wordt op de dagactivering, terwijl er miljoenen winst wordt gemaakt. Bovendien kan dan beter eerst op de driehoofdige raad van bestuur die notabene in 2013 nog met een vierde lid is uitgebreid en die samen bijna € 1 miljoen opsouperen bezuinigd worden.

Maar het gaat ook over taal.
We definiëren problemen gewoon anders en dan zijn ze eigenlijk al opgelost. Zo simpel is het.
Want dat de professionals door de vrijwilligers vervangen gaan worden (alleen op de werkvloer natuurlijk niet in de hogere regionen), hadden we al kunnen weten. In het jaarverslag van 2012 van Espria valt namelijk het volgende te lezen:
“De vraag van veel mensen is geen zorgvraag, maar een vraag die voortvloeit uit de meest voorkomende ouderdomsziekten, namelijk eenzaamheid, verveling, een gevoel van onveiligheid en het gevoel er niet meer toe te doen. En dat zijn lévensvragen en geen gezondheidsvragen. Zorgaanbod helpt niet”.
Kijk aan!! En van het leven weet iedereen ten slotte, daar hoef je niet voor te zijn opgeleid.  Lees maar verder:
“De levensvragen vragen om een integrale benadering, om het stimuleren van eigen kracht en burgerkracht. Daar zit vaak de oplossing al”.

Kortom: regelt u het allemaal maar lekker zelf. Heel bijzonder om zo tegen je klanten aan te kijken. Ouderen die juist vanwege ziekte en gebrek een beroep op je organisatie doen. Waren ze nog redelijk gezond, dan zouden ze niet om hulp durven vragen. Konden de mantelzorgers het allemaal nog gemakkelijk zelf aan, dan zouden ze niet bij je durven aankloppen.
Maar die mantelzorger heeft niets met zorg te maken en is eigenlijk heel simpel een medeburger die met zijn burgerkracht de levensvragen van de ouderen als vrijwilliger moet zien op te lossen en moet leren naar mogelijkheden te kijken.

En zo denken de professionele praters en rekenaars in de zorg de professionele doeners te kunnen weg bezuinigen. Ik dacht het toch niet.