In de Volkskrant van dinsdag 18 december jl. stond een kort bericht over een bedrijf, genaamd ESTRO - nóóit van gehoord - met "merknamen" als Catalpa, Uk en Eigenwijz. Lees en huiver.
Overigens werd ik onlangs ook al geconfronteerd met een bedrijf, genaamd: ESPRIA - idem nóóit van gehoord - dat het op haar website óók al heeft over "onze merknamen" en dat blijken dan instellingen in de gezondheidszorg te zijn, zoals Icare (spreekt men tegenwoordig uit als : ie kaa ruh, in plaats van het ooit bedoelde: I care, op z'n Engels), Kruiswerk West-Veluwe, Zorggroep Meander en dat soort organisaties.
Bezoek de website en kijk hoezeer men daar in de war is.
ESTRO, met 'merknamen' zoals Catalpa, Uk en Eigenwijs Nederlands grootste bedrijf in kinderopvang, staat op het punt te worden overgenomen.
Het bedrijf, dat zwaar in de schulden zit, lijkt eigendom te worden van een van 's werelds bekendste durfkapitalisten: het Amerikaanse KKR. Daarbij wordt mogelijk een groot deel van Estro's schuld geschrapt. Een betrokkene wil niet meer zeggen dan 'dat er iets speelt'. Andere kenners van het wereldje van het durfkapitaal menen vrijwel zeker te weten dat de zaak rond is.
Catalpa is al sinds 2001 in handen van durfkapitalisten, oftewel private equity. In 2001 ontfermde Waterland - een Nederlands fonds van durfkapitalisten - zich over Catalpa; in 2006 werd het verkocht aan Bencis, ook van Nederlandse snit. Bencis verkocht het in 2010 aan het Amerikaanse Providence, in een veilingprocedure waaraan ook andere grote internationale namen meededen zoals Carlyle Group.
Providence kocht op een belabberd moment, net voor de grote overheidsbezuinigingen die de kinderopvang nu opbreken. Al dit voorjaar bedelde Estro met succes bij zijn banken om soepeler leningsvoorwaarden. Het bedrijf heeft heel veel schulden en kon de rente niet meer betalen.
Persbureau Bloomberg stelt dat KKR, samen met branchegenoot Bayside Capital, voor 75 procent eigenaar wordt van Estro. De huidige schuldeisers, die 264 miljoen euro van Estro tegoed hebben, zouden al hebben ingestemd met een transactie waarbij zij nog maar een kwart van hun vordering terugzien.
woensdag 19 december 2012
donderdag 1 november 2012
een aderlating
Om Nederland sterker uit de crisis te laten komen vinden VVD en PvdA het noodzakelijk minstens 15 miljard te bezuinigen. Wie er precies in Nederland dan sterker wordt is mij niet helemaal duidelijk, maar het klinkt goed.
Er worden allerlei maatregelen getroffen om die bezuinigingsdoelstelling te halen. Iedereen zal het in zijn portemonnee merken.
Met deze rampspoed in het achterhoofd deed het me goed in een bericht van Van Lanschot Bankiers te lezen dat de crisis niet bij iedereen heeft toegeslagen. Er blijken Nederlanders te zijn die NU al sterker uit de crisis zijn gekomen. En wel gemiddeld met zo'n 500.000 euro meer!
Dat blijken er bovendien niet maar een paar te zijn, maar 92.000. En die vijf ton is niet het enige wat ze bezitten. Dat is het bedrag waarmee hun vermogen sinds 2007 gemiddeld gegroeid is.
Hoe dat kan? Welnu, het zijn onze miljonairs.
Kijk aan, dat is mooi, zou je denken. Hoop doet leven. Zeker gezien het feit dat 44% van hen VVD stemt en nog eens 12% D66.
Dus nou vroeg ik me in alle onnozelheid af of Mark Rutte dit welvarende deel van zijn aanhang niet eens vriendelijk kan aankijken.
Want stel nou eens dat hij hén vraagt eenmalig slechts een deel van die vijf ton - we doen niet lullig - bijvoorbeeld 200.000 euro gemiddeld bij te dragen om héél Nederland sterker uit de crisis te laten komen. Dan zou er in één klap helemaal niet meer bezuinigd hoeven te worden en staat Nederland er financieel weer uitstekend voor en hoeven er geen rekeningen te worden doorgeschoven naar volgende generaties. Iets wat VVD'rs toch van harte onderschrijven.
Dat kan niet waar zijn, denk je misschien.
Nou reken even mee: 92.000 x 200.000 euro = 18.400.000.000, dat wil zeggen 18,4 miljard.
En ik wil wedden dat het merendeel van die miljonairs helemaal niet te beroerd is om op die manier bij te dragen om Nederland weer op te stuwen in de vaart der volkeren.
Vraag het ze gewoon eens.
Bijvoorbeeld door in de Quote een enquête te houden wie twee ton kan missen en voor wie het een onoverkomelijke aderlating zou zijn. Dan willen ze vast niet voor een ander onderdoen.
Er worden allerlei maatregelen getroffen om die bezuinigingsdoelstelling te halen. Iedereen zal het in zijn portemonnee merken.
Met deze rampspoed in het achterhoofd deed het me goed in een bericht van Van Lanschot Bankiers te lezen dat de crisis niet bij iedereen heeft toegeslagen. Er blijken Nederlanders te zijn die NU al sterker uit de crisis zijn gekomen. En wel gemiddeld met zo'n 500.000 euro meer!
Dat blijken er bovendien niet maar een paar te zijn, maar 92.000. En die vijf ton is niet het enige wat ze bezitten. Dat is het bedrag waarmee hun vermogen sinds 2007 gemiddeld gegroeid is.
Hoe dat kan? Welnu, het zijn onze miljonairs.
Kijk aan, dat is mooi, zou je denken. Hoop doet leven. Zeker gezien het feit dat 44% van hen VVD stemt en nog eens 12% D66.
Dus nou vroeg ik me in alle onnozelheid af of Mark Rutte dit welvarende deel van zijn aanhang niet eens vriendelijk kan aankijken.
Want stel nou eens dat hij hén vraagt eenmalig slechts een deel van die vijf ton - we doen niet lullig - bijvoorbeeld 200.000 euro gemiddeld bij te dragen om héél Nederland sterker uit de crisis te laten komen. Dan zou er in één klap helemaal niet meer bezuinigd hoeven te worden en staat Nederland er financieel weer uitstekend voor en hoeven er geen rekeningen te worden doorgeschoven naar volgende generaties. Iets wat VVD'rs toch van harte onderschrijven.
Dat kan niet waar zijn, denk je misschien.
Nou reken even mee: 92.000 x 200.000 euro = 18.400.000.000, dat wil zeggen 18,4 miljard.
En ik wil wedden dat het merendeel van die miljonairs helemaal niet te beroerd is om op die manier bij te dragen om Nederland weer op te stuwen in de vaart der volkeren.
Vraag het ze gewoon eens.
Bijvoorbeeld door in de Quote een enquête te houden wie twee ton kan missen en voor wie het een onoverkomelijke aderlating zou zijn. Dan willen ze vast niet voor een ander onderdoen.
zaterdag 27 oktober 2012
De veelzijdige man
In de Volkskrant van donderdag 25 oktober jl stond een artikel waarin uiteengezet wordt waarom vrouwen er niet in slagen de top te bereiken. Ach, laat maar zitten, denk je dan. Ik ga het niet eens meer lezen ook, die onzin.
De kop boven het artikel is helemaal verschrikkelijk: "Voor topfuncties is de vrouw te veelzijdig". De schat, ze is misschien wel het slachtoffer van haar eigen goede eigenschappen.
Maar, de nieuwsgierigheid wint het van de ergernis. Toch maar lezen dus.
De auteurs blijken de mannelijke werkelijkheid als uitgangspunt genomen te hebben en komen dan tot de conclusie dat die werkelijkheid nu eenmaal niets voor vrouwen is. Van "out of the box" denken lijken ze nog nooit gehoord te hebben. Dergelijk denken is wel nodig om ooit eens verandering te bewerkstelligen. De afgelopen decennia hebben vrouwen zich immers al meer dan genoeg aangepast aan de van oudsher door mannen beheerste wereld van de betaalde arbeid. En als we in dit soort termen erover door blijven praten gebeurt er natuurlijk niets.
Het is nu de hoogste tijd dat mannen zich aanpassen aan de van oudsher door vrouwen beheerste wereld van de onbetaalde arbeid en hun angst voor het onbekende overwinnen. Dus geen opgeheven vingertje meer naar vrouwen die zogenaamd vanwege hun prioriteitenbalans beperkter inzetbaar zouden zijn op de arbeidsmarkt. Zolang er geen kinderen in het spel zijn richten ambitieuze vrouwen zich net zozeer op hun werk als ambitieuze mannen.
Maar zodra die kinderen er wél zijn, is er veel meer aanleiding de prioriteitsstelling van mannen eens kritisch onder de loep te nemen. Waarom lees ik zelden zinnetjes als "de prioriteitenbalans van mannen beperkt hun inzet op het huiselijke front" .... of ... "De man zal concessies moeten doen op terreinen die hem na aan het hart liggen en hij zal bereid moeten zijn af te wijken van zijn emotionele voorkeur".
Zinnen die ik dus wél over vrouwen aantref in het onderhavige artikel in de Volkskrant.
Het is nu de hoogste tijd dat mannen zich aanpassen aan de van oudsher door vrouwen beheerste wereld van de onbetaalde arbeid en hun angst voor het onbekende overwinnen. Dus geen opgeheven vingertje meer naar vrouwen die zogenaamd vanwege hun prioriteitenbalans beperkter inzetbaar zouden zijn op de arbeidsmarkt. Zolang er geen kinderen in het spel zijn richten ambitieuze vrouwen zich net zozeer op hun werk als ambitieuze mannen.
Maar zodra die kinderen er wél zijn, is er veel meer aanleiding de prioriteitsstelling van mannen eens kritisch onder de loep te nemen. Waarom lees ik zelden zinnetjes als "de prioriteitenbalans van mannen beperkt hun inzet op het huiselijke front" .... of ... "De man zal concessies moeten doen op terreinen die hem na aan het hart liggen en hij zal bereid moeten zijn af te wijken van zijn emotionele voorkeur".
Zinnen die ik dus wél over vrouwen aantref in het onderhavige artikel in de Volkskrant.
Als ook van mannen wordt verwacht dat zij een nieuw evenwicht vinden tussen werken en thuis voor de kinderen zorgen zodra zij hun eerste kind krijgen, zullen we er op termijn aan gewend raken dat topfuncties niet meer vervuld worden door monomane types, maar door evenwichtige, verantwoordelijke, veelzijdige mensen die erin slagen hun werk ook in minder dan 70 uur te doen.
Labels:
emancipatie,
het nieuwe ouderschap,
topfuncties
woensdag 24 oktober 2012
Beproef alle dingen en behoud het goede - 24 oktober 2012
“Kinderopvang heeft langste tijd gehad” luidt de kop boven
een artikel in de Volkskrant van vandaag, 24 oktober 2012. Het is tijd voor een
nieuw systeem.
Elke peuter vanaf 2 jaar zou, volgens Ernst Radius van de MOgroep,
eigenlijk minimaal 2 dagdelen van voorschoolse voorzieningen gebruik moeten
kunnen maken, ongeacht of hij achterstand heeft en de ouders werken of niet.
Nee maar, laat dat nou al ruim 30 jaar geleden allang zo
geregeld zijn geweest! Wie zijn peuter als ie twee werd niet naar de
peuterspeelzaal bracht, deed zijn kind tekort. Tegen die leeftijd was je kind
er volgens ontwikkelingspsychologen namelijk aan toe om met andere kleintjes te
leren omgaan. Dus dat deed je. Twee ochtenden of twee middagen bracht je je hummel ernaar toe.
De peuterspeelzaal was er voor het welzijn van het kind.
Dat was ruim vóór de tijd dat baby’s van een week of twintig
oud onder het mom van het ontwikkelen van hun sociale vaardigheden naar de crèche
gebracht werden. Maar die was er dan ook voor de ouders.
Met de pedagogische kwaliteit van de crèchemedewerkers was
het in die beginjaren niet best gesteld. Betrokken ouders hebben toen, begin
jaren negentig, BOink opgericht. Zij wilden de belangen van ouders in de kinderopvang
behartigen. En één van die belangen was natuurlijk dat hun kinderen
professioneel zouden worden opgevangen door pedagogisch geschoolde medewerkers
van een uitstekende kwaliteit.
Sinds 1996 maakt Gjalt Jellesma deel uit van het bestuur van
BOink. Tegenwoordig is hij voorzitter.
En het was me al eens eerder opgevallen, dat altijd als
Gjalt Jellesma in het nieuws is, hij pleit voor het verbeteren van het
pedagogisch niveau van de medewerkers in de kinderopvang.
Logisch, zou je zeggen. Je bent niet voor niets voorzitter
van BOink.
Zo langzamerhand mag je je echter toch wel eens afvragen of
dit pleit ooit eens beslecht zal worden?
Zo’n 16 jaar pleit hij dus inmiddels al voor het verbeteren
van de pedagogische kwaliteit van de kinderopvangmedewerkers en met de
kwaliteit is het kennelijk nog steeds niet best gesteld.
Wat hebben ze daar bij BOink de afgelopen jaren dan wél
bereikt?
·
Er is van alles op papier gezet. Zoveel is
duidelijk: Algemene Leveringsvoorwaarden Kinderopvang (Jellesma was
initiatiefnemer), een Convenant Kwaliteit (Jellesma was mede-initiatiefnemer).
·
Er is van alles ondernomen, zoals de BSO box
(een eenvoudige en tijdelijke huisvesting in de vorm van een unit, die naast de
school kan worden gezet. In combinatie met de ruimten in de school en het
buitenspeelterrein van de school vormt deze unit een volwaardige accommodatie
en een uitstekend alternatief voor aparte gebouwen voor BSO).
·
Er wordt van alles bestuurd: naast de BOink, ook
het Bureau Kwaliteit Kinderopvang, dat zich bezighoudt met - u raadt het al - het verbeteren van de
kwaliteit van de pedagogische medewerkers binnen de kinderopvang.
Het Ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft het bureau voor de periode 2009 – 2012 een bedrag ter beschikking gesteld van 40 miljoen euro! Veertig miljoen euro, ik herhaal het nog maar eens.
Het Ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft het bureau voor de periode 2009 – 2012 een bedrag ter beschikking gesteld van 40 miljoen euro! Veertig miljoen euro, ik herhaal het nog maar eens.
En die 40 miljoen is natuurlijk nog peanuts vergeleken bij
al het geld dat in de kinderopvang omgaat. Elk jaar een slordige 3 miljárd. Nou
dan moet het alles bij elkaar toch zo langzamerhand wel fantastisch gaan met de
kinderopvang in Nederland zou je zeggen.
Maar nee hoor, in hetzelfde artikel lees ik dat 80% van de
ondernemers kampt met vraaguitval. Tja.
En Gjalt Jellesma verbindt aan de omvorming van de
kinderopvang-business een voorwaarde: het pedagogisch niveau van de medewerkers
moet omhoog. “Dan maakt het niet meer uit waar je kind terecht komt en is een
structuurverandering zo gedaan”.
En de BOink die pleitte voort, en de BOink die pleitte
voort.
dinsdag 23 oktober 2012
We stoppen ermee! - 6 juni 2012
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in bijna alle gevallen - op onderstaand stukje na overigens ! - in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
We stoppen ermee! - juni 2012
Politici en werkgevers gaan er vaak voetstoots vanuit dat bezuinigingen in de kinderopvang ten koste zullen gaan van de arbeidsparticipatie van vrouwen. Zij, die vrouwen, worden bij bezuinigingen gedwongen (door wie?) minder te gaan werken en de rampspoed die dit tot gevolg zal hebben valt niet te overzien. Vrouwen kunnen geen carrière meer maken en wordt het recht ontzegd op zelfverwezenlijking en een gevoel van eigenwaarde. Vrouwen móeten hun kinderen wel naar de opvang brengen, is de redenering, anders kunnen zij onvoldoende tijd aan hun werk besteden.
In een ingezonden stuk in de Volkskrant van 6 juni 2012 werd in de rubriek Opinie & Debat zelfs door iemand gesuggereerd dat als een vrouw minder uren werkt, omdat haar kinderen minder naar de opvang kunnen, zij haar carrière aan de wilgen kan hangen. Want op de werkvloer, zo stond er, gelden dezelfde regels voor mannen als voor vrouwen.
Was dàt maar waar. In dat geval zou het standaard excuus van mannen wegvallen om na de geboorte van het eerste kind niet minder te hoeven gaan werken: hun – meestal - hogere salaris. Zolang vrouwen zich onder dit mom wel naar huis laten sturen en afzien van een gelijkere verdeling van de uren besteed aan werk en opvoedingstaken zal er nooit een einde komen aan deze ongelijkheid in beloning.
Kinderen krijgen vinden werkgevers oké zolang de mánnen in het bedrijf kinderen krijgen. Vróuwen die kinderen krijgen zijn nu eenmaal lastig en kosten handenvol geld. De gemiddelde middenstander zit nu hard te knikken.
Zo langzamerhand kom ik tot conclusie dat er voor vrouwen niets anders meer op zit: een baarstop.
Dat maakt alles stukken overzichtelijker. Niets weerhoudt hen er dan nog van zich net als mannen volledig te wijden aan hun werk. Qua opleidingsniveau verschillen zij gemiddeld niet meer van mannen en qua gezondheid ook niet. Nou ja, ze worden dan nog wel elke maand ongesteld, maar daar valt vast ook nog wel een mouw aan te passen.
Allemáál krijgen we zeeën van tijd realiseer ik me opeens! En stel het je eens voor: niemand hoeft er dan meer te kiezen tussen carrière of gezin….. Wat heerlijk moet zo’n leven zijn!
maandag 22 oktober 2012
Opvoeden is geen mindere vorm van arbeid - 12 november 2011
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Opvoeden is geen mindere vorm van arbeid - 12 november 2011
De zorgvader die Lars Anderson (Volkskrant - Opinie & Debat 5-11-'11) zelden ‘in het wild’ tegenkomt, werkt vrolijk vier dagen van negen uur en als hij mazzel heeft mag hij van zijn werkgever zijn papadag ook nog eens een thuiswerkdag noemen.
Zo krijgt vader die vijfde dag óók nog uitbetaald. Riekt dit naar kinnesinne? Inderdaad!
Daar hoefde ik niet mee aan te komen toen mijn kinderen klein waren. Zonder ervoor betaald te krijgen werkte je op je parttime dag nog eens extra thuis omdat je dacht anders onder te doen voor je fulltime collega’s. Op in de vaart der volkeren wilde je, zo niet nu, dan toch later als je kinderen groot zouden zijn.
Sindsdien is er veel ten goede veranderd. Dat je als vrouw werkte als je kinderen had, werd steeds gebruikelijker. Ook werd van mannen verwacht dat ze nadrukkelijker een rol gingen spelen in de opvoeding en verzorging van hun kinderen. Maar van gelijkwaardige participatie in arbeid en opvoeding is nog geen sprake.
Bovendien werd er overheidsbeleid in gang gezet dat de werksituatie van mannen als uitgangspunt nam, als doel om na te streven. Het overheidsbeleid werd er steeds meer op gericht ouders zoveel mogelijk te laten werken en zo min mogelijk voor hun kinderen te laten zorgen. Met als effect dat inmiddels ook de parttime werkende moeder als een ambitieloze softie beschouwd wordt.
Hoog tijd om deze ontwikkeling ten goede te keren. Want niet alleen kinderen zijn hiervan de dupe geworden – zij missen overdag buiten schooltijd de rustige thuishaven – maar ook vaders en moeders zijn achteruit geboerd. Iederéén is eigenlijk de dupe van dit overheidsbeleid dat opvoeden als een minderwaardige vorm van arbeid beschouwt.
Een mooi voorbeeld van het effect van dit beleid is wat Anderson tegen zichzelf zegt als hij in de spiegel kijkt: “Je hebt misschien niks van maatschappelijke betekenis gedaan, maar je hebt goed werk geleverd en gezorgd voor een tevreden baby”. Als er nou iets van maatschappelijke betekenis is, dan is het wel het grootbrengen van je eigen kinderen! Je kunt je werk in tijden van nood ten slotte nog wel eens uit je poten laten vallen, maar je eigen kinderen niet.
Wat is erop tegen als ouder àlle aandacht voor je kind te hebben en het er niet tussen de bedrijven door bij te hoeven doen? Tijd en ruimte creëren om er, naast je werk, voor je kinderen te zijn.
Zou er wat spaak lopen als de 60 uur, die een gezin gemiddeld aan buitenshuis werken besteedt, gelijkelijk verdeeld zou worden over de twee ouders? Het lijkt me niet.
Als ouders dan, in die paar jaar dat hun kinderen nog niet op school zitten, ook nog wat minder zouden kunnen werken, hebben we geen kinderopvang meer nodig. Denk je eens in wat een rompslomp en tijdverlies dat zou schelen. En het geld dat we daarmee uitsparen kan ingezet worden om het inkomensverlies van de ouders gedurende die periode – deels - op te vangen.
Dan hebben we geen werkende moeders, noch zorgzame vaders meer, maar gewoon ouders die zelf hun kinderen grootbrengen. Dát zou statusverhogend moeten zijn.
Labels:
emancipatie,
het nieuwe ouderschap,
opvoeding,
vaderschap
zondag 21 oktober 2012
Man mag z'n klusje blijven doen - 28 april 2011
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Man mag z’n klusje blijven doen - 28 april 2011
Die vrouwen toch. Nog te beroerd om een zware tas voor die arme jongens te dragen. En maar denken dat er geen verschillen zijn tussen de seksen, terwijl het juist zo leuk is dat die er zijn.
Heeft er iemand onlangs beweerd dat we mannen hoog nodig met barbies moeten laten gaan spelen? Wie zou dáár nou iets mee opschieten? Na 3 keer lezen van de bijdrage van Gerhard Hormann in Opinie & Debat van de Volkskrant van 21-04-2011 is me nog steeds niet duidelijk wat hij nou precies wil beweren, behalve: het is nu eenmaal zoals het is. Zwart is zwart, wit is wit. Ja, dûh… zou mijn zoon zeggen. Al rukt heel Boer & Croon uit, de veranderingsgezindheid van deze jongeman is dusdanig dat er niet veel beweging in te krijgen zal zijn.
Hoog tijd om een paar geruststellende woorden te spreken. Je mag als man van de toekomst gewoon doorgaan met de vuilnis buiten zetten, zware koffers tillen en het leertje van de kraan verwisselen (bestáán die er nog, leertjes?). Zou stofzuigen ook nog lukken of is dat te zwaar om te doen? De vrouw van de toekomst is dan heus niet te beroerd om een knoopje aan te zetten, te strijken en de plee te doen. Dat suffe huishouden samen regelen is echt een eitje.
Wat moeilijker blijkt te zijn is iets te láten. Het lijkt wel een verslaving. Maar onmogelijk is het niet. Je hoeft het niet totaal op te geven en ook niet voor altijd, dus het vált mee. Een tijdje, een beetje minder werken, is de vraag. En niet omdat je geen echte man meer mag zijn, maar om je vaderschap een leukere inhoud te geven. Leuker dan alleen maar geld verdienen en ’s avonds nog even je kind in bed stoppen.
Dat vraagt om optreden, poneren en dirigeren richting je werkgever. Gelukkig gaat dat mannen makkelijk af, zoals Evelien Tonkens in haar column in de Volkskrant van 9 maart jongstleden al zei.
Als je moderne vrouw dat dan óók doet: minder gaan werken als jullie eerste kind er is, dan kunnen jullie zelf je kinderen grootbrengen. Die had je immers ook zelf keurig ingepland en – godzijdank – ook nog gekregen. Zet je creativiteit en intelligentie dan in om er ook samen voor te zorgen. Werk zal er altijd blijven, maar je kinderen zijn maar even jong. Zonde om daar niet van te genieten.
Labels:
emancipatie,
het nieuwe ouderschap,
vaderschap
zaterdag 20 oktober 2012
Luiigheid en gemakzucht - 9 april 2011
Eind september 2012 las ik in Opzij een
interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Luiigheid en gemakzucht - 9 april 2011
Hard werken is het devies van Aleid Truijens (Volkskrant 6 april 2011) en haar vader. Daar varen we wel bij. Eens. Maar het is een misverstand te denken dat het níet hard werken zou zijn als je zelf je kinderen grootbrengt en ze niet naar de kinderopvang brengt en de voor- en naschoolse opvang. Die zorg op vele anderen afschuiven, dát is pas luiigheid en gemakzucht.
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Luiigheid en gemakzucht - 9 april 2011
Hard werken is het devies van Aleid Truijens (Volkskrant 6 april 2011) en haar vader. Daar varen we wel bij. Eens. Maar het is een misverstand te denken dat het níet hard werken zou zijn als je zelf je kinderen grootbrengt en ze niet naar de kinderopvang brengt en de voor- en naschoolse opvang. Die zorg op vele anderen afschuiven, dát is pas luiigheid en gemakzucht.
Opvoeden is inderdaad ondergeschikt geraakt aan geld
verdienen en zelfontplooiing. We hebben overheidsbeleid ontwikkeld dat stimuleert
dat ouders zoveel mogelijk werken en zo min mogelijk tijd besteden aan het
grootbrengen van hun kinderen. Dat kinderen desondanks op hun pootjes
terechtkomen, sterker nog, zelfs als het niet zou uitmaken dat ouders
doordeweeks geen tijd voor hun eigen kinderen vrijmaken, dan mag nóg de vraag
gesteld worden of dit eigenlijk wel een ideale situatie is die we met zijn
allen zouden moeten nastreven!
Wendy Schouten stelde die vraag onlangs in Opinie &
Debat, omdat zij momenteel in Zweden woont en ziet welke negatieve effecten het
Zweedse opvoedkundige model heeft dat we ons hier in Nederland als voorbeeld
stellen. Zij neemt daarmee ambitieuze tweeverdieners de maat – als er al van de
maat nemen sprake zou zijn, het was meer een appèl om nog eens na te denken –
en dus niet per definitie alleen vrouwen. Dat Aleid Truijens zich aangesproken
voelt is een teken aan de wand. Ook zij onderkent kennelijk niet dat mannen net
zo zeer verantwoordelijk zijn voor hun eigen kinderen als vrouwen.
Er komt in haar reactie op Wendy Schouten’s stuk overigens wel
een man aan bod: haar hardwerkende vader voert ze ten tonele. Die blijkt als
opa veel plezier te hebben beleefd aan het zorgen voor zijn kleinkinderen, de
kinderen van zijn schoonzoon en dochter. Jammer, vind ik dat, dat mannen er opa
voor moeten worden om erachter te komen dat ze best voor kinderen kunnen zorgen
en hoe leuk het is met hen op te trekken.
Ik ben van mening dat het én voor de kinderen én voor het
welzijn van gezinnen én voor de emancipatie (wat een ouderwets woord hé!) beter
zou zijn als mannen en vrouwen hun kinderen centraal zouden stellen in de tijd
dat ze met hen als gezin samenleven. Beide ouders zouden tijd moeten vrijmaken
om voor hun kinderen te zorgen. Vrouwen hoeven zich door dit appèl niet
aangesproken te voelen, díe zijn al sterk veranderd op dit punt en werken naast
de opvoedingstaken. Nu zijn mannen aan de beurt om van hun
veranderingsgezindheid blijk te geven.
De vader van Aleid had groot gelijk. Werken geeft inderdaad
energie. Besteed die als je kinderen jong zijn óók aan hen en besteed hén niet
uit aan de kinderopvang en de voor- en naschoolse opvang. Waag het niet om pas
als opa erachter te komen hoe leuk het is om er voor je (klein-)kinderen te
zijn, zou ik zeggen.
De voorsprong die we in de samenleving aan mannen op hun carrièrepad geven, raken ze daarmee wel kwijt - sorry jongens -, maar de carrièrekansen worden dan wel eerlijker verdeeld. Eens kijken wie er dan eerder aan de top zijn.
De voorsprong die we in de samenleving aan mannen op hun carrièrepad geven, raken ze daarmee wel kwijt - sorry jongens -, maar de carrièrekansen worden dan wel eerlijker verdeeld. Eens kijken wie er dan eerder aan de top zijn.
vrijdag 19 oktober 2012
Handel?
Je kon erop wachten. Als we toestaan dat publieke zaken, zoals kinderopvang, worden gecommercialiseerd moeten we niet raar staan te kijken als marketingmanagers en verkopers de overhand krijgen in de "business". Dat investeringsmaatschappijen er hun slag proberen te slaan. Dat de druk om het werk steeds goedkoper uit te voeren met lager gekwalificeerd personeel toeneemt.
En gisteren stond er dan in ons plaatselijke sufferdje de volgende advertentie:
Nu is het wachten nog op "3 voor de prijs van 2".
Kinderen als handelswaar. Waarom ook niet.
En gisteren stond er dan in ons plaatselijke sufferdje de volgende advertentie:
Nu is het wachten nog op "3 voor de prijs van 2".
Kinderen als handelswaar. Waarom ook niet.
Kapitalen verdienen, maar je werk niet goed doen - februari 2011
De map met ingezonden stukjes moet maar eens gedigitaliseerd worden. Bron van ergernis was dit keer de bijzondere kijk van een hoogleraar governance op de rol van de RvC in een publieke organisatie.
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Kapitalen verdienen, maar je werk niet goed doen
Al eerder werd bekend welke geldverspilling er plaatsvindt binnen delen van de semipublieke sector; bestuurders die zichzelf enorme salarissen toekennen.
In februari 2011 stelt Rienk Goodijk, hoogleraar governance in de (semi)publieke sector aan de Universiteit van Tilburg, in een interview met de Volkskrant, dat toezichthouders hun ambitieuze bestuurders niet meer kunnen bijbenen, dat er fouten worden gemaakt, de cultuur te gesloten is en niet iedereen de toegenomen marktwerking aankan. Toezichthouders zijn op afstand gebleven, hebben veel laten liggen en er is veel fout gegaan.
Vroeger had je gewoon een bestuur, aldus Goodijk, tot je in de jaren negentig raden van toezicht kreeg. Een soort raad van commissarissen, maar dan een die ook nog het publieke belang moest dienen.
En hier legt Goodijk precies bloot wat er mis is. Organisaties in de semi publieke sector dienen niet ook nog het publieke belang te dienen, maar alleen maar!
Een misverstand bij degenen die vóór marktwerking zijn, is dat de “winst” die semipublieke organisaties maken in de beurzen van de bestuurders terecht mag komen of besteed mag worden aan allerlei commerciële zaken die niets te maken hebben met het doel waarvoor de publieke organisatie is opgericht. Nee, de “winst” dient volledig ingezet te worden in de organisatie zelf en ten goede te komen aan haar publieke doelstellingen. Toch niet zo erg moeilijk om te begrijpen, zou ik denken.
donderdag 18 oktober 2012
De ma-di-do vrouw - 30 oktober 2010
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
De ma-di-do vrouw - 30 oktober 2010
Het artikel van Elma Drayer in Vrij Nederland 42, 2010 doet bij mij de vraag
rijzen: wil de eerste ma-di-do man opstaan?
Leg mij nou eens uit hoe het werk van mannen is veranderd
als gevolg van de tweede feministische golf. IS er eigenlijk op dat vlak wel
iets wezenlijks veranderd?
Al het verhaal gehoord van de man die aankaartte dat hij
over een paar maanden zijn eerste kind zou krijgen en daarom per se 3 dagen
wilde gaan werken omdat hij zelf voor zijn kinderen wilde zorgen. De manager,
die zelf al twee kinderen had, begreep precies wat hij bedoelde en zorgde samen
met hem voor een creatieve oplossing.
Van welke planeet komt deze briefschrijver zal de lezer
inmiddels denken.
Alles is in het werk gesteld om maar fulltime te kunnen
blijven werken:
-
meer doen in het huishouden? Geen punt, doen we
dat samen in het weekend of we nemen een werkster.
-
De kinderen naar school brengen? Geen punt, kom
ik gewoon voortaan later thuis
-
Wil je echt meer uren gaan werken? Oké, dan gaat
ie maar naar de kinderopvang. Regel jij dat even?
-
Is er te weinig kinderopvang? Laten we gauw een
blik vrouwen opentrekken om het uit te breiden
-
Raak je toch nog overspannen van al dat geregel
(wat stelt het nou eigenlijk voor), moet ik ook eens een dag thuis zijn: oké,
prop ik gewoon mijn uren in 4 werkdagen in plaats van 5. Moet ik wel ’s avonds
wat extra achter de pc hoor.
-
En de laatste vondst: Het Nieuwe Werken. Wel
thuis zijn, maar met je hoofd bij je werk in plaats van bij je kinderen.
Genieten van twee werelden is héél goed mogelijk. Ik heb dat
zelf ook gedaan. Heerlijk! Maar ik zie nog heel weinig mannen die, zoals mijn
partner, ook daadwerkelijk verantwoordelijkheid nemen voor de opvoeding van hun
kinderen. Vaak komen ze er pas als ze
opa zijn geworden achter dát het genieten is. Jammer!
Ophouden met afschuiven dus en lang leve de ma-di-do mannen!
Labels:
emancipatie,
opvoeding,
ouderschap,
vaderschap
woensdag 17 oktober 2012
Subsudie van crèche naar aanrecht? reactie op Evelien Tonkens - 1 oktober 2010
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Subsidie van crèche naar aanrecht? Reactie op Evelien Tonkens - 1 oktober 2010
Meestal ben ik het eens met hetgeen Evelien Tonkens in haar columns schrijft, maar dit keer (Volkskrant 29 september 2010) niet. Bij de column “Subsidie van crèche naar aanrecht” voel ik mij genoodzaakt een belangrijke kanttekening te maken onder het motto: het nieuwe ouderschap.
Dat een bezuiniging op de kinderopvang moeders dwingt te stoppen met werken is natuurlijk onzin. Het is ook niet erg bevorderlijk voor de emancipatie om de zaak zo voor te stellen. Helaas werkt zelfs Opzij hieraan mee. Moderne ouders laten zo’n bezuiniging niet in het nadeel uitvallen van één van de ouders, maar proberen samen aan de oplossing bij te dragen, zou ik zeggen, door allebei wat minder te gaan werken. Zelfs als dat financieel wat ongunstiger zou uitkomen in het geval beide ouders niet evenveel verdienen. Geld is namelijk niet alleen zaligmakend.
Het doen voorstellen dat de keuze is “de crèche of achter het aanrecht”, is eveneens een verkeerde voorstelling van zaken. Hoogstens kan je zeggen “de crèche of achter de kinderwagen”. Met achter het aanrecht gaan staan schiet niemand wat op. Het werd hoog tijd dat de overheid eindelijk ook eens aandacht heeft voor de effecten van haar zogenaamde kindgerichte regelingen en het nieuwe ouderschap bevordert.
De overheid stimuleert met het kinderopvangbeleid dat ouders zoveel mogelijk werken en zo min mogelijk voor hun eigen kinderen zorgen. Drie dagen kinderopvang wordt als een soort norm neergezet. Ongeacht de effecten die dat heeft op de opvoeding en het welzijn van ouders en kind. Gelukkig begint daar een kentering in te komen.
In het nieuwe ouderschap kiezen ouders ervoor gewoon zelf voor hun kinderen te zorgen en dat niet aan anderen over te laten. Zij gaan allebei een aantal jaren aanzienlijk minder uren werken om tijd te hebben voor de opvoeding van hun eigen kinderen. In vroeger tijden zou dat een flinke salarisachteruitgang hebben betekend. Je moest parttime gaan werken en met je drukke baan werkte je dan wel wat extra als je kind in bed lag of naar school was of ’s avonds, maar daar stond geen inkomen tegenover.
Twee positieve ontwikkelingen maken kiezen voor het nieuwe ouderschap nu echter veel makkelijker.
Ten eerste: met de intrede van het nieuwe werken kunnen steeds meer ouders die uren dat ze thuis werken ook gewoon als werkuren uitbetaald krijgen. (Zo pakt het nieuwe werken niet alleen gunstig uit voor filebestrijding, flexibiliteit en kostenbesparing, maar ook voor opvoeding en emancipatie).
Ten tweede: het kindgebonden budget biedt enige compensatie voor het ontstane inkomensverlies. Dat is noodzakelijk, omdat het met name de gezinnen met lage en middeninkomens veel meer moeite zal kosten een dergelijke keuze voor het nieuwe ouderschap te maken dan de tweeverdieners die – parttime werkend – nog een gezinsinkomens van meer dan 45.000 euro hebben.
Het nieuwe ouderschap heeft niet alleen positieve gevolgen voor ouders en kind, maar komt ook de emancipatie ten goede. Als vaders, net als moeders, een bepaalde periode in hun loopbaan minder tijd aan hun werk besteden wordt de positie op de arbeidsmarkt van beiden uiteindelijk gelijkwaardiger. Het nieuwe ouderschap brengt namelijk een wezenlijke verandering teweeg in de positie van de vader op de arbeidsmarkt. De afgelopen decennia gingen vaders na de geboorte van hun eerste kind meestal gewoon door met werken alsof er niets gebeurd was. De introductie van de papadag heeft daar nauwelijks iets in gewijzigd; meestal werden de werkuren – in plaats van 38 uur, 36 uur - in een 4-daagse werkweek gepropt. De verzorging en opvoeding van de kinderen bleef uitbesteed aan moeder de vrouw of de vrouwen van de crèche, met dank aan de kinderopvang.
Zorgden ouderschapsverlof en kinderopvang er dus niet voor dat vaders als gelijkwaardige partner in de opvoeding gingen optreden, het kindgebonden budget en het nieuwe werken kunnen daar wel toe bijdragen. Die130 miljoen extra voor het kindgebonden budget beschouw ik dan ook als een eerste aanzet om het nieuwe ouderschap nu ook echt van de grond te tillen.
Het is een cadeau aan de ouders van kleine kinderen die de kans wordt gegeven om van hun kleintjes te genieten en met het hele gezin een leven te leiden dat meer in balans is.
Labels:
emancipatie,
het nieuwe ouderschap,
kinderopvang,
ouderschap
maandag 15 oktober 2012
Twee weken vaderschapsverlof en dan? - 5 augustus 2008
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Twee weken vaderschapsverlof en dan? - 5 augustus 2008
Na de twee weken betaald verlof die GroenLinks voor vaders zo nuttig acht, kan vader gewoon weer doorgaan met zijn werk, alsof er niets gebeurd is. Zo’n voorstel draagt helaas niet bij aan het vergroten van de rol van vaders in de opvoeding van hun kinderen.
De overheid stimuleert nog steeds dat ouders niet zelf voor hun kinderen zorgen. Als een fulltime werkende moeder en vader minder uren gaan werken om samen hun kinderen op te voeden, wordt het inkomensverlies niet gecompenseerd, zelfs niet gedeeltelijk.
Blijven ze werken en brengen ze hun kinderen naar de kinderopvang, dan ontvangen ze daarvoor een vergoeding, zodat ze er in inkomen nauwelijks op achteruit gaan.
Als ze het in hun hoofd halen om hun kinderen in de vertrouwde handen van opa en oma achter te laten, worden ze onmiddellijk afgestraft. Dát is niet de bedoeling.
Pas als ze hun kinderen laten opvangen door liefst jonge, laag opgeleide en onderbetaalde vrouwen, dán doen ze het goed.
Ook een taskforce Voltijd Min, als tegenhanger voor de Deeltijd Plus taskforce, suggereert qua naam alleen al dat we van mannen nu eenmaal niet kunnen verwachten dat ze een serieuze bijdrage aan de opvoeding van hun eigen kinderen leveren.
Labels:
emancipatie,
herverdeling betaalde en onbetaalde arbeid,
kinderopvang,
opvoeding,
ouderschap,
vaderschap
zaterdag 13 oktober 2012
Mannen, graag wat meer ambitie - 2 juli 2008
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Mannen, graag wat meer ambitie - 2 juli 2008
Wat zou het toch mooi zijn als je kinderen zou kunnen krijgen zonder dat dat effect zou hebben op je werk. Je gaat gewoon door alsof er niets gebeurd is.
Voor vaders is dit in de meeste gevallen al realiteit. Voor moeders gaat de taskforce DeeltijdPlus dit doel dichterbij brengen, onder meer door het ambitieniveau van mannen en vrouwen te onderzoeken.
Stel nu eens dat uit dit onderzoek gaat blijken dat mannen ambitieuzer zijn dan vrouwen – het zou zomaar kunnen -, wat zou dan het doel van het emancipatiebeleid van de overheid worden? Dat vaders gestimuleerd en gemotiveerd moeten worden om voor hun eigen kinderen te zorgen, zodat beide ouders opvoeding en werk kunnen combineren? Of, zouden moeders ambitieuzer moeten worden?
In plaats van de energie te richten op de kinderen en de moeders, wordt het hoog tijd om eens aandacht te besteden aan de vaders. Mannen met ambitie slagen er vast en zeker in om ook als zij minder uren werken de top te bereiken!
Labels:
emancipatie,
opvoeding,
ouderschap,
taskforce deeltijdplus
vrijdag 12 oktober 2012
De vruchten van nieuwe inkomenspolitiek en marktwerking - 20 februari 2008
De map met ingezonden stukjes moet maar eens gedigitaliseerd worden. Bron van ergernis dit keer was het gemak waarmee laagbetaalden onder druk worden gezet om te vertrekken en tegen een nóg lager salaris terug te komen, terwijl gezegd wordt dat het onmogelijk is iets aan de onredelijk hoge topinkomens te doen..... 20 februari 2008 was het toen.
Is er al iets aan veranderd?
En zou de PvdA in een nieuw kabinet met de VVD er wél in slagen om dit soort zaken voortvarend aan te pakken?
Op de Economiepagina van de Volkskrant van afgelopen zaterdag stonden twee berichten onder elkaar die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben: een stukje over de alfahulpen in de thuiszorg en een bericht over de benoeming van een nieuwe topman bij Nuon.
Beide berichten hebben echter met inkomenspolitiek te maken én met de zogenaamde onmacht van de politiek om bij misstanden in te grijpen. Het is kennelijk mogelijk de laagstbetaalde krachten in de thuiszorg te ontslaan, om ze later voor mínder geld in te zetten voor hetzelfde werk als alfahulp, maar men wil ons doen geloven dat het níet mogelijk is iets te doen aan de méér dan twee ton verdienende leden van de Raden van Bestuur in diezelfde thuiszorginstellingen.
Gelukkig is de bestuursvoorzitter van de Nuon, die qua salaris hoog boven de Balkenendenorm uittorende, nu uit zichzelf vertrokken. Zijn opvolger, de heer Loseth, is nu natuurlijk voor een salaris dat wél aan de Balkenendenorm voldoet aangenomen. Zo niet, dan ben ik benieuwd welke smoes dáár nu weer voor verzonnen gaat worden.
Hoezo vieren dat de PvdA 1 jaar in een kabinet zit?
Is er al iets aan veranderd?
En zou de PvdA in een nieuw kabinet met de VVD er wél in slagen om dit soort zaken voortvarend aan te pakken?
Op de Economiepagina van de Volkskrant van afgelopen zaterdag stonden twee berichten onder elkaar die op het eerste gezicht niets met elkaar te maken hebben: een stukje over de alfahulpen in de thuiszorg en een bericht over de benoeming van een nieuwe topman bij Nuon.
Beide berichten hebben echter met inkomenspolitiek te maken én met de zogenaamde onmacht van de politiek om bij misstanden in te grijpen. Het is kennelijk mogelijk de laagstbetaalde krachten in de thuiszorg te ontslaan, om ze later voor mínder geld in te zetten voor hetzelfde werk als alfahulp, maar men wil ons doen geloven dat het níet mogelijk is iets te doen aan de méér dan twee ton verdienende leden van de Raden van Bestuur in diezelfde thuiszorginstellingen.
Gelukkig is de bestuursvoorzitter van de Nuon, die qua salaris hoog boven de Balkenendenorm uittorende, nu uit zichzelf vertrokken. Zijn opvolger, de heer Loseth, is nu natuurlijk voor een salaris dat wél aan de Balkenendenorm voldoet aangenomen. Zo niet, dan ben ik benieuwd welke smoes dáár nu weer voor verzonnen gaat worden.
Hoezo vieren dat de PvdA 1 jaar in een kabinet zit?
donderdag 11 oktober 2012
Bescheidenheid - 14 december 2007
De map met ingezonden stukjes moet maar eens gedigitaliseerd worden. Deze is uit 14 december 2007. Een wonderlijke advertentie van de Gemeente Rotterdam was dit keer de aanleiding.
Herman Tjeenk Willink constateerde in zijn rede bij het 45-jarig bestaan van Nieuwspoort dat de moderne voorlichter zich uit naam van de minister tegenwoordig bezighoudt met het managen van het opiniërings- en besluitvormingsproces (Volkskrant Forum, 23 november 2007).
Op gemeentelijk niveau is kennelijk ook iets dergelijks aan de hand. Dat leid ik af uit de paginagrote advertentie van de Gemeente Rotterdam in de Volkskrant van 10 december over de aanpak van huiselijk geweld. Hoeveel gemeenschapsgeld wordt in deze campagne gestoken? Het lijkt erop dat men zich bij de gemeente Rotterdam vooral zelf op de borst wil kloppen met deze campagne.
Bescheidenheid, soberheid en onbaatzuchtigheid zouden de overheidsdienaar moeten typeren. Als de aanpak van huiselijk geweld in Rotterdam voortreffelijk werkt, kan er eenvoudigweg via de VNG bij andere gemeenten ruchtbaarheid aan worden gegeven.
Een wethouder die tekent voor ondoelmatig gebruik van gemeenschapsgeld heeft nog een weg te gaan.
dinsdag 9 oktober 2012
Prioriteiten (4 mei 2007)
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Prioriteiten (4 mei 2007)
Ook toen de tussenschoolse opvang nog 'de overblijf' werd genoemd en door overblijfmoeders werd gerund, was het een en al chaos en stress voor de kinderen (Volkskrant - Forum, 2 mei 2007). Wie dat niet wil en zijn kinderen een rustige pauze tussen de middag gunt, haalt gewoon zelf de kinderen op van school en laat ze rustig thuis eten en spelen. Dat is leuk!
De prioriteit moet inderdaad liggen bij de veiligheid en het welzijn van de kinderen. Kinderen mogen erop vertrouwen dat hun ouders voor hen opkomen. Niet door de verantwoordelijkheid af te schuiven op anderen, maar door zelf iets op te offeren.
Vader en moeder blijven verantwoordelijk voor het grootbrengen van hun kinderen. Daar zouden ze invulling aan kunnen geven door in de jaren dat de kinderen hen nodig hebben parttime te gaan werken. Is dat nou zo veel voor moeite voor 'iets' waar je zelf voor gekozen hebt?
maandag 8 oktober 2012
Reactie op "Mannen een kontje geven" - 10 januari 2007
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Reactie op "Mannen een kontje geven" - 10 januari 2007
Het is hoog nodig dat we in Nederland de emancipatiekwestie weer op de agenda plaatsen zonder te vervallen in meer van hetzelfde. Een benadering waarbij niet de druk op vrouwen wordt vergroot, maar mannen verleid worden tot ander gedrag ondersteun ik van harte.
Minder mannen in de top
Het artikel van Evelien Tonkens in de Volkskrant van 10 januari 2007 is een mooi voorbeeld van zo'n benadering: er zijn onevenredig veel mannen in de top van organisaties en het streven moet zijn dat aantal te verminderen. De mannen in de top die hier invloed op hebben zouden we moeten verleiden om dat doel te bereiken, bijvoorbeeld door een prijs in het leven te roepen voor organisaties die in korte tijd het aantal mannen in de top hebben weten te halveren.
Zoals vrouwen in vroeger tijden afstand deden van hun baan zodra zij trouwden en kinderen kregen, zouden we mannen eens een tijdje kunnen belonen als zij afstand doen van hun toppositie om vrouwen ruim baan te geven.
Wie durft?
Niet samen fulltime werken, maar evenwichtig samen léven
Dat deeltijdwerken mannen zou helpen - zoals in het artikel staat - waag ik te betwijfelen. De mannen die in de top in deeltijd werken, hebben, denk ik, vrijwel altijd andere, meestal betaalde activiteiten daarnaast. Mogelijk is dat in de universitaire wereld minder het geval, maar in het bedrijfsleven wel. Feitelijk werken zij dan dus gewoon fulltime.
Juist omdat deeltijdwerken mannen nu nadelen oplevert (minder salaris, minder promotiekansen, minder status) gaan zo weinig mannen in deeltijd werken als zij kinderen krijgen. Om vrouwen gelijke promotiekansen te bieden, zou alleen nog als optie openstaan dat vrouwen dan ook maar fulltime moeten gaan werken. Die redeneertrant moet omgegooid worden wat mij betreft.
Organiseer betaalde arbeid slimmer
We zouden alleen nog deeltijdbanen moeten hebben, zodat het normaal is dat iemand 30 uur per week werkt. De overige tijd wordt besteed aan resp, het volgen van studies, het grootbrengen van kinderen, het helpen van je ouders etc. al naar gelang de levensfase waarin je verkeert.
Dat heeft ook als voordeel dat de stap om nog een paar uur minder te gaan werken in de jaren dat de kinderen nog niet op de basisschool zitten voor mannen en vrouwen kleiner wordt.
Het is natuurlijk heel goed mogelijk om organisaties zo in te richten dat iedereen maximaal 30 uur per week werkt. Zet een paar creatieve vrouwen en mannen bij elkaar en ze regelen het. Kortom: van 100% + 40% naar 70% + 70%.
Iedereen komt tekort
In Westerse samenlevingen waarin én mannen én vrouwen fulltime werken komt iedereen tekort.
Wat is er in 's hemelsnaam leuk aan om járen lang onder grote druk te leven en 's avonds om een uur of negen doodmoe neer te ploffen?
Is het na-apen van het Scandinavische model het enige alternatief dat voorhanden is?
Hoe komt het toch dat we niets leren van die mensen die halverwege hun leven tot het inzicht komen dat ze jarenlang overal eigenlijk te weinig tijd voor hebben gehad?
Waarom willen mensen eigenlijk kinderen als ze geen tijd aan hen willen besteden?
Waarom komen mannen er pas, als ze opa zijn geworden, achter hoe leuk het is om tijd met je eigen (klein-)kinderen door te brengen?
Wat is er leuk aan de kinderopvang? Wel eens een baby van een paar maanden naar de kinderopvang gebracht? Wel eens een kind, dat weet hoe het is om na school thuis te zijn, gevraagd wat ie van naschoolse opvang vindt?
Kijk uit voor nieuwe trends
Er komen wel steeds mee signalen dat vrouwen niet meer jarenlang met stress willen leven. En gelijk hebben ze. Maar het is natuurlijk niet de bedoeling dat vrouwen dan maar weer meer thuis gaan zitten, trots op het feit dat ze nu eenmaal de enigen zijn die de borst kunnen geven en trots op het feit dat ze niet zo monomaan zijn als mannen (las ik onlangs als positieve opmerking van - natuurlijk - een man).
Langer ouderschapsverlof, zoals Beatrijs Smulders onlangs voorstelde, is méér van hetzelfde. Het leidt er alleen maar toe dat vrouwen langer uit hun werk zijn en kansen mislopen. Normaal moet worden dat stellen die nog kinderen hebben die niet op school zitten, zo'n 20 uur per week werken. Vrijwel iedereen maakt dat mee in zijn leven, kan dus begrijpen waarom dat nodig is en zou in staat moeten worden geacht daar ook begrip voor op te brengen.
Uitbreiding van de kinderopvang met tussenschoolse en naschoolse opvang is ook méér van hetzelfde. Ook dat leidt er alleen maar toe dat mannen gewoon doorgaan met wat ze altijd al deden, namelijk fulltime blijven werken als ze kinderen krijgen - alsof er niets gebeurd is - en elkaar kontjes geven.
Het Nederlandse model: een win-win situatie
Het inzicht dat een stressvol bestaan niemand ten goede komt (noch man, noch vrouw, noch kind, noch de samenleving als geheel) zou tot een nieuwe aanpak moeten leiden, waarbij mannen en vrouwen de tijd die ze aan werken en het grootbrengen van kinderen besteden evenwichtig verdelen. Kinderopvang is dan alleen nog nodig voor alleenstaande ouders. En dat moet dan kinderopvang zijn van uitstekende kwaliteit die zoveel mogelijk het niveau van ouderlijke zorg benadert.
In het alternatieve Nederlandse model zorgen mannen en vrouwen in de eerste levensjaren van hun kinderen samen voor de opvoeding. Die jaren zijn namelijk van groot belang voor de verdere ontwikkeling van hun kinderen, zoals elke pedagoog en ontwikkelingspsycholoog hen zou kunnen uitleggen. De ouders werken allebei gedurende die jaren 50%. Zodra de kinderen naar de basisschool zijn, gaan de ouders beiden 70% werken, zodat ze voldoende tijd hebben om de kinderen op te vangen en ook nog een steentje kunnen bijdragen aan de school (bestuur, leesvader zijn, mee met schoolreisje etc.).
Het leidt tot een afwisselender bestaan voor alle betrokkenen. Niet heel de dag op school of op de kinderopvang, niet heel de dag op het werk, niet heel de dag thuis.
Het heeft minder stress tot gevolg. Iedereen heeft meer tijd voor elkaar. En mannen en vrouwen hebben dezelfde kansen op ontplooiing en promotie.
zondag 7 oktober 2012
Naschoolse opvang (4 januari 2007)
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een
brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en
mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die
in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk
gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen
groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en
onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Naschoolse opvang - 4 januari 2007
Naschoolse opvang zoekt ruimte, was de kop boven een artikel (Economie-katern Volkskrant, 3 januari 2006). Voor het ruimteprobleem is een vrij eenvoudige oplossing voorhanden.
Op de maandag-, dinsdag- en donderdagmiddagen, momenten waarop het ruimtegebrek het nijpendst is, staan er op allerlei plekken in de stad ruimtes leeg die zich uitstekend lenen voor het opvangen van kinderen, te weten de huizen waarin zij wonen. Daar is op dat moment geen kip te bekennen. Er hoeven geen nieuwe gebouwen te worden neergezet en de kosten die worden bespaard, kunnen worden ingezet om meer kinderopvangkrachten aan te trekken.
De naschoolse opvang zou alleen nog hoeven zorgen voor een aantal mensen die een groep kinderen van school naar woonhuis brengt en een oogje in het zeil houdt.
Het kan ook nog eenvoudiger. Het geld dat wordt bespaard, zou aan de vaders en moeders gegeven kunnen worden die zelf hun kinderen na school opvangen, ter compensatie van het gemiste inkomen. De kinderen hoeven niet de godganse dag op school en in de drukte door te brengen, maar krijgen ook nog wat rust en zien hun ouders vaker (ook leuk).
zaterdag 6 oktober 2012
Geen last, maar lust - 18 november 2006
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een
brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en
mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die
in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk
gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen
groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en
onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Geen last, maar lust (18 november 2006)
"Hoe kun je aan het werk als je tussen de middag een uur moet overbruggen en om drie uur 's middags alweer bij school moet staan", vragen Robin Uitham en Carlijne Vos zich af (Het Betoog, 11 november 2006).
Er is een simpele oplossing waarbij u zelf uw kinderen tussen de middag kunt opvangen. U en uw partner behouden dezelfde promotiekansen. U werkt elk 70 procent, gemiddeld ongeveer 30 uur per week. Hoe dat kan? Bijvoorbeeld door te werken volgens een patroon van drie hele en twee halve dagen die u met uw partner wekelijks afwisselt.
Op de hele dagen begint u laat en brengt eerst de kinderen naar school, op de halve dagen begint u vroeg en bent op tijd weer op school tussen de middag. 's Middags heeft u een paar uur voor u zelf voordat u de kinderen weer moet ophalen.
Vaders en moeders hoeven niet op het werk af te haken; ze kunnen werk en kinderen combineren. Door dat samen te doen, is het geen last maar een lust.
vrijdag 5 oktober 2012
Prikkel (16 september 2006)
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een
brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en
mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die
in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk
gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen
groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en
onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Wat een leuke manier om de VVD te prikkelen: gratis kinderopvang nationaliseert het familieleven, schrijven Harrie Verbon en Tim Willems (Forum, 13 september 2006).
Het leven van de vrouw en haar kind is altijd al onderwerp van discussie geweest. Dat van de man bleef nagenoeg buiten beschouwing. Nog steeds gaan we ervan uit dat mannen hun werk niet parttime zouden kunnen uitoefenen. Het inkomensverlies weerhoudt het stel er toch vaak van de opvoedings- en verzorgingstaken eerlijk te delen.
De doordeweekse vaderlijke bijdrage beperkt zich in veel gevallen tot een dagje minder werken. De moeder wil daar niet voor onder doen en het resultaat is dat drie dagen crèche bij veel tweeverdieners een gebruikelijke oplossing is geworden. Een oplossing voor het probleem dat kind heet.
Laten we eens iets nieuws gaan proberen. Als een man en vrouw voor kinderen kiezen, dan zijn ze samen verantwoordelijk voor de opvoeding. De rol van de overheid beperken we tot het bewaken dat kinderen worden verzorgd en opgevoed. Tevens stimuleren we dat deze taak ook in het private leven goed kan worden uitgevoerd.
Dat is mogelijk door de ouders - gedurende de jaren dat zij minder uren aan het arbeidsproces deelnemen - een deel van het verlies aan inkomen te compenseren.
Niet voor ouderschap verlof geven, maar ouderschap belonen. Dan wordt gestimuleerd dat beide ouders de publieke arbeid (het werk) en private arbeid (de opvoeding) eerlijker delen.
Zo'n aanpak staat niet in de weg dat ouders die hun kinderen liever toch naar de crèche brengen die vrijheid hebben. En stellen die bewust voor één kostwinner kiezen, houden natuurlijk ook die mogelijkheid.
De discussie kan dan gaan over de hoogte van de compensatie, hoe we kunnen stimuleren dat men eerder aan kinderen begint (om de kosten van de gezondheidszorg te beperken), hoe we loopbanen kunnen flexibiliseren en aanpassen aan de levensfasen.
woensdag 3 oktober 2012
Privatisering van de opvoeding - 2000
Eind september 2012 las ik in Opzij een interview met Hedy d'Ancona waarin zij de volgende ware woorden sprak:
“Er zou opnieuw een
brede emancipatiebeweging op gang moeten komen, buitenparlementair en
mondiaal. Kijk, als je praat over het inhalen van achterstanden, zoals wij die
in de jaren zeventig en tachtig aankaartten, dan is een en ander behoorlijk
gelukt. Maar wij hadden het ook nog over iets wat daaronder zit dat vele malen
groter is: het veranderen van de maatschappij als het gaat om de reorganisatie van het betaalde en
onbetaalde werk. Dat is de essentie. En dat is gewoon niet gelukt”.
Dit was voor mij aanleiding om nog eens terug te kijken naar stukjes die ik in het verleden over emancipatie geschreven heb en die in de Volkskrant zijn opgenomen. Ik heb ze nu op dit blog geplaatst. Je kunt er mooi aan aflezen dat er nog niet veel veranderd is!
Werk aan de winkel!
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
Dorien Pessers eindigt haar artikel "Kinderen zijn hinderen" in de Volkskrant van vorige week (ergens in het jaar 2000) met de opmerking dat vrouwen het zich zouden moeten aantrekken dat er sociale ongelijkheid tussen kinderen ontstaat door commercialisering van de kinderopvang.
Nu zijn de artikelen van Dorien Pessers mij meestal uit het hart gegrepen, ook dit keer, echter niet voor wat betreft haar laatste opmerking. Een belangrijke speler in de opvoeding wordt hier over het hoofd gezien. En dat gebeurt al vele jaren tamelijk consequent in de media en de politiek. Zo'n 14 jaar geleden stond er boven een artikel in de Intermediair van 29 augustus 1986 de veelzeggende titel "Vrouwen, kinderen en de zorgeloze overheid". Ook toen al werd opvoeding en kinderopvang gezien als een zaak waarbij, naast de vrouw en haar kind, de overheid betrokken moest worden.
Opvallende afwezige: de man.
Zijn we de afgelopen 14 jaar dan niets opgeschoten mag je je afvragen? Voor wat betreft de rol van de man bij de opvoeding van zijn kinderen nog niet veel. Verbazing zou dat niet moeten wekken. Immers, met de steun in de rug van de overheid, die door de vrouwenbeweging op het spoor van de kinderopvang is gezet, kunnen mannen tot op heden vragende vrouwen naar de oppas of de kinderopvang doorverwijzen (graag zelf halen en brengen).
De verantwoordelijkheid van de man is verschoven van "zorgen voor voldoende inkomen voor man, vrouw en kind" naar "zorgen voor voldoende inkomen om je vrouw te kunnen laten werken en de kinderopvang te kunnen betalen". Slechts het private leven van de vrouw en haar kind werd de afgelopen jaren een publieke aangelegenheid. Dat van de man bleef nagenoeg buiten beschouwing.
Slechts een klein deel van de mannen is bereid parttime te gaan werken om een deel van de opvoeding en verzorging van zijn kinderen op zich te nemen. Meestal beperkte zich dat tot één dagje minder. Onwelwillende werkgevers zijn er nog voldoende. De teruggang in inkomsten is vaak het tweede argument om toch - vrijwel - volledig te blijven werken. Met als resultaat dat 3 dagen crèche en elk van de ouders 1 dag per week bij het kind bij de gemiddelde tweeverdieners als goede oplossing wordt gezien. De stress die dat oplevert voor alle drie partijen lijkt voor lief te worden genomen.
Ik stel voor in deze nieuwe eeuw eens te stoppen met meer van hetzelfde (meer geld pompen in de kinderopvang) en eens iets nieuws te proberen. Laten we de opvoeding privatiseren, in de zin van weer brengen waar het thuis hoort: in het private leven.
Als een man en een vrouw voor kinderen kiezen en zo gelukkig zijn ze ook nog te krijgen, dan beschouwen we hen samen als dé verantwoordelijken voor de opvoeding van dat kind. De rol van de overheid wordt beperkt tot het bewaken dat kinderen worden opgevoed en verzorgd en het stimuleren dat deze private taak ook in het private leven wordt uitgevoerd. Het meest voor de hand ligt immers de ouders zelf te stimuleren deze taak op zich te nemen.
In plaats van geld te stoppen in de kinderopvang zou de overheid condities moeten creëren om privatisering van de opvoeding te bevorderen.
Eén van die condities zou kunnen zijn: het geven van een tegemoetkoming in de kosten van het minder uren gaan werken in verband met het opvoeden van kinderen. Immers, zolang de overheid het verlies aan inkomen bij parttime werken niet (deels) compenseert, zal met name de man daarin makkelijk een excuus vinden om zijn verantwoordelijkheid niet op zich te nemen en zullen vrouwen er niet eenvoudig in slagen hun mannen te overtuigen van de voordelen van het opvoeden van de kinderen.
Het zou verbazing moeten wekken dat fulltime werkende stellen die na de geboorte van hun kind fulltime blijven werken en de kinderopvang inschakelen een tegemoetkoming krijgen voor de kosten van de kinderopvang, terwijl stellen die zelf de opvoeding ter hand nemen en minder uren gaan werken geen enkele tegemoetkoming ontvangen.
Daarnaast zou de overheid kunnen stimuleren dat de gemiddelde werkweek wordt teruggebracht van 40 naar 32 uur per week. De toename van het aantal vrouwelijke arbeidskrachten zou het verlies aan productieve uren van mannelijke werknemers op de lange termijn moeten kunnen compenseren.
Deze stimulerende maatregelen zouden bovendien indirect tot gevolg kunnen hebben dat we minder geld hoeven uit te geven aan preventieve maatregelen om ziekteverzuim en uitval in de wao als gevolg van stress, burn out e.d. te voorkomen.
Discussies over flexibele loopbaanplanning, aangepast aan de levensfasen zouden geïnitieerd moeten worden door de overheid, vakbond en de vrouwenbeweging. Laten we accepteren dat we van de ca. 45 jaar dat we werken in een leven, ongeveer 15 jaar wat minder van onze tijd doorbrengen op ons werk en wat meer tijd besteden aan onze kinderen. Dat is leuk en leerzaam!
Abonneren op:
Reacties (Atom)
