Burgerkracht in de wijk
Enkele
kanttekeningen bij een essay van Jos van der Lans en Nico de Boer met de titel “Burgerkracht in de wijk”: sociale wijkteams en
lokalisering van de verzorgingsstaat (september 2013).
Het essay heb
ik paginagewijs van commentaar voorzien, zodat duidelijk wordt wat beleidsformuleringen
oproepen aan reactie bij een weldenkende, kritische burger.
Ik hoop dat betrokkenen het tot zich nemen en niet naast zich neerleggen. Misschien is het
het overwegen waard te bedenken dat beleidsmakers zich mogelijk
allemaal in eenzelfde kringetje bewegen en daardoor wat losgezongen raken van
waar de gewone burger om vraagt en mee bezig is.
P. 13
Sociale wijkteams: elke zichzelf
respecterende gemeente is ermee aan de slag.
Al die
gemeenten die het wiel aan het uitvinden zijn: projecten, projectleiders,
conferenties, externe adviseurs en adviesbureaus over de vloer etc. Hoeveel geld en energie wordt daarmee wel
niet verspild? En als dat voor de eerste keer zou zijn is het nog tot daaraan toe.
Maar de clusters zijn nog niet achter de rug of de ketens worden binnengereden
enzovoorts en zo verder. Wat is de burger daarmee opgeschoten?
Volstrekt niet
helder is waarom een sociaal wijkteam wél een stapeling van problemen zou kunnen
oplossen. Het stáat zelfs in het essay: “We weten niet wat, hoe en waarom het
werkt”.
Besluiten burgers mee wie er in een team
komen?
Dat is toch een
totaal wereldvreemde vraag. De beleidsmakers hebben zelf kennelijk nog geen
idee hoe het moet en dan zo’n opmerking ertussen.
Als een team zich niet verbindt met
lokale burgerkracht.
Leg uit, zou ik
zeggen. Hoezo lokale burgerkracht. Dat is toch geen woord wat een burger
aanspreekt! Als er al iets uit klinkt dan toch vooral paternalisme. “Beste
burger u weet niet half over hoeveel kracht u zelf al niet beschikt”. Probeert
u zich eens voor te stellen dat er iemand aan úw deur komt met een dergelijke
houding.
Als met
burgerkracht vrijwilligerswerk bedoeld wordt, waarom dan een nieuwe term
verzinnen en dan zó’n term?
Of wordt met
burgerkracht bedoeld dat ik als individuele burger van een gemeentelijke
ambtenaar te horen zal krijgen wat hij vindt dat ik zoal best zelf zou kunnen en dat
naar willekeur van die ambtenaar of het betreffende sociale team? Zonder dat ik
nog ergens een beroep op kan doen. Op een minimum aan zaken waar ik als burger
aanspraak op kan maken.
Hoe introduceer je een vorm van
kostenbewustzijn bij de professionals in de wijkteams? Financiering gericht op
“outcome”.
Aha, kijk aan:
heeft het sociale wijkteam er baat bij zo veel mogelijk burgerproblemen als
‘opgelost’ aan te vinken? Of heeft het sociale wijkteam er baat bij zo min
mogelijk door te verwijzen naar hulpverlenende instanties en het zelf maar
zonder de echte professionals op te lossen?
Of wordt de
hulpvragende burger nog gevraagd of hij zich adequaat geholpen voelt? Maar ja,
als die burger nergens aanspraak meer op kan maken, wat is dan zijn toetssteen?
Hebben we de afgelopen jaren nieuwe
begrippen geboren zien worden, zoals pakketmaatregel en keukentafelgesprek.
Uit zo’n
zinnetje leid ik af dat er in beleidsland klaarblijkelijk over dit soort
onderwerpen in dit soort termen gesproken is, maar als kritisch burger, die
toch echt niet onder een steen leeft, had ik er tot voor kort nog nooit van
gehoord.
Daarom is het
essay ook beleidsbrij geworden. Dat het in het cirkeltje van beleidsmakers
“iets” is – en zelfs al járen kennelijk - , wil niet zeggen dat het in de
samenleving leeft! Of dat er behoefte aan zou zijn! Dat denkt u maar.
Van recht naar compensatie naar
maatwerkprincipe…..
Opvallend: nergens
vind ik tot aan dit moment in het essay de burger die om hulp vraagt en hoe die
het beste geholpen kan worden.
Wat is er mis
met een aanspraak van burgers (helder geformuleerd wat, wanneer, waar en hoe de
burger op hulp kan rekenen) en waarom zou de burger zitten te wachten op lokaal
overleg tussen burger, professional en overheden. Dat is in de kring van
beleidsprofessionals onderling maar zo’n beetje verzonnen en u hebt het zo vaak
tegen elkaar gezegd dat u het nog bent gaan geloven ook. Dat vind ik echt diep
treurig.
Tijdens het keukentafelgesprek (ktg is vast al een goed ingevoerde
afkorting, vertel mij wat) wordt er geen aanspraak geverifieerd, maar wordt er
gekeken naar wat de burger zelf kan.
Het tweede begrip ‘keukentafelgesprek’
geeft richting aan het lokale overleg tussen burgers, professionals en
overheden.
Het staat er
echt. Hoezo? Welke richting?
Dat gesprek kost meer tijd maar levert
uiteindelijk in de uitvoering besparingen op.
Dat is gek! Hoe
weten de beleidsmakers dat nou? Misschien worden burgers momenteel wel helemaal
niet goed geholpen, zijn er wachtlijsten voor van alles en nog wat, worden de
verkeerde dingen gedaan etc. Dat is
denkelijk ook de aanleiding om weer eens een transitie (ik kan het woord niet
meer horen) in gang te zetten.
Dus écht goede
hulp verlenen kan voor hetzelfde geld duurder uitpakken. Mag dat ook? Of gaat
het daar niet om? Zou het misschien zo kunnen zijn dat als er duurdere echt
goede hulp werd verleend dat op termijn goedkoper zou zijn?
En hoe zou dat
wijkteam met zijn “outcome” financiering dáár zicht op krijgen?
Instituties/politieke
partijen hebben door invoering van de marktwerking het ontstaan van megalomane,
steeds maar fuserende instellingen (zorg, onderwijs, sociale woningbouw,
bibliotheekwezen) gefaciliteerd/bewerkstelligd.
En nu lees ik
dat de burger verantwoording moet nemen voor kleinschaliger zorg dichterbij
burgers?
Lees toch eens
goed wat u opschrijft! De burger heeft dit niet veroorzaakt.
Laten (nieuwe)
verantwoordelijke, integere, op soberheid ingestelde bestuurders die niet uit
zijn op eigen gewin ervoor zorgen dat zorg, onderwijs, sociale woningbouw, het
bibliotheekwezen e.d. weer kleinschalig wordt georganiseerd.
Op p. 23 ben ik
inmiddels beland
Waarom zijn organisaties uit op groei?
Toch, omdat de
overheid/politiek de condities daarvoor geschapen heeft! Dat kan ook weer
teniet worden gedaan door een krachtdadige overheid die durft in te grijpen.
Die werkelijkheid heeft zich de
afgelopen 35 jaar niet laten corrigeren door een goedbedoeld beroep op meer
verantwoordelijkheid, een appel op kleinschaligheid en intermenselijke
betrokkenheid.
Een moreel appel op burgers is
onvoldoende om de harde institutionele praktijk te veranderen.
Er moet niet op
burgers een moreel appel worden gedaan, maar op bestuurders/directies die
mede verantwoordelijk zijn voor het ontstaan van die grote instituties, met outcome
financiering, losgezongen van de praktijk van de mensen die hulp nodig hebben.
Dat zoiets NU
al gewoon kan worden geregeld bewijst Buurtzorg. Geen koffietafelgesprek nodig,
geen burgerkracht-verhalen, gewoon de ouderwetse, degelijke wijkverpleging
laten doen waar ze goed in zijn.
Op p. 25 staat: Daarbij geldt dat min of
meer toevallige omstandigheden bepalen hoe een probleem wordt gedefinieerd: sociaal,
psychisch, justitieel; afhankelijk van de deskundige die wordt geraadpleegd.
Dat
verschijnsel wordt natuurlijk versterkt door financiële stimulansen in te
bouwen.
Die perverse prikkels,
waar u het terecht over heeft, worden wel degelijk door de overheid
gecreëerd.
De overheid
bedenkt niet dat één op de vijf Nederlanders psychische problemen heeft, maar
de overheid zorgt door voor een bepaalde inrichting van het stelsel van gezondheidszorg
te kiezen wél voor de benodigde condities om professionals tot die conclusie te
laten komen.
Professionals
zijn ook maar mensen. Als een psycholoog er financieel baat bij heeft iets als
een psychisch probleem te duiden moet hij sterk in zijn schoenen staan om het
niet te doen. Zo knipt de KNO arts nog steeds teveel keelamandelen, zo krijgt
een school steeds meer leerlingen met rugzakjes etc. etc.
Het toenemende
aantal ADHD’rs is niet het samenspel van bezorgde ouders en hulpvriendelijke
risicomijdende professionals. Er verdienen allerlei mensen aan ADHD en die
perverse prikkels moeten eruit gehaald worden.
Maar DAT vergt
moed en vereist mensen die professionals aanspreken op hun
verantwoordelijkheid. Niet hun verantwoordelijkheid voor de winst van de
maatschap, of de begroting van de school, maar de verantwoordelijkheid voor de
kwaliteit van HUN hulpverlening!
De kracht van
de zich moreel verantwoordelijk voelende professional. En zo valt er WEL aan
institutionele logica eenvoudig te ontsnappen.
P. 26.
De vraag is of de bemoeizorg van Henri
Henselmans de mensen die het betreft geholpen heeft.
Deze mensen
werden door de geïnstitutionaliseerde zorg in ieder geval niet goed geholpen.
Dit kleinschaliger initiatief van bemoeizorg door professionals hielp (denk ik)
wel.
Idem dito met
de Thomashuizen. Kleinschaliger, dichter bij de mensen. Maar wel door
professionals. En naar tevredenheid van de burgers.
De
institutionele logica van de verzorgingsstaat wordt verward met de
verzorgingsstaat waar marktwerking zodanige desastreuze gevolgen heeft gehad
dat men kennelijk meent de verzorgingsstaat wel te kunnen opdoeken. Het kind
met het badwater wegkieperen dus.
De netwerksamenleving. Online-hulpverlening:
hoe declareer je dat.
Stel je had
multi-disciplinaire teams op verschillende plekken in het land of centraal, dat
maakt bij on-line dienstverlening niet zoveel uit. Qua aantal voldoende om de
on-line hulpvragen goed en zorgvuldig te beantwoorden, bekostigd door de
gezamenlijk zorgverzekeraars. Bezetting afstemmen op de vragen die binnenkomen…..
te simpel?
Dienstverlenende instellingen die een
steeds groter probleem hebben met hun transactiekosten, de kosten die gemaakt
worden om hun dienst aan de man te brengen.
Denk aan:
marketing kosten, luxueuze onderkomens, duur betaalde directies/bestuurders
(Raden van Bestuur en Raden van Commissarissen heet dat tegenwoordig) etc. etc.
Allemaal het gevolg van concurrentie en marktwerking waarbij het accent op
kosten en kostenbesparing is komen te liggen in plaats van op de vraag hoe de
hulp het beste geboden kan worden.
Bedrijfje
spelen.
In plaats dus
van het accent leggen op de vraag waar de burger baat bij heeft en waar/hoe de
professional het beste zijn vak kan uitoefenen. Jos de Blok en Bloem zijn
sprekende voorbeelden.
Dat Buurtzorg, Thomashuizen,
Broodfondsen nodig zijn
komt doordat de overheid niet durft in te grijpen bij de instituties, het
verkeerde beleid voert. De overheid zou broodfondsen kunnen faciliteren, maar
dat vraagt om een grotere overheid die dat regelt voor mensen. Een grotere publieke
sector, oei, maar dat is not done om dat te zeggen. Maar nodig is het wel.
Nu worden
broodfondsen opgericht door hoog opgeleide burgers, maar de gewone burger (daar
zijn er méér van) moet het doen met de bestaande instituties (verzekeraars
e.d.).
P. 35
De overheid voorstellen als een voorkokende
beleidsfabriek kleurt
veel te negatief.
Voor een op de on-line
netwerksamenleving ingerichte centrale overheid is het door de nieuwe
technieken juist veel eenvoudiger om centrale richtlijnen snel aan te passen
aan de decentrale praktijkervaringen en kan deze vervolgens decentraal met
uitvoerders gedeeld worden.
Zo kan Jos de
Blok met zijn uitstekende ICT systeem de Buurtzorg-medewerkers in den lande
snel informeren over nieuwe technieken, kwalitatieve impulsen, ervaringen van
teams uitwisselen etc.
Wat Bloomberg
en mogelijk Johnson gemeen hebben is hun HARTSTOCHT voor de stad, voor dat waar
ze verantwoordelijk voor zijn en hun MOED om buiten de gangbare paden te lopen
en kritiek te uiten op de centrale overheid.
Zo ook kunnen
de burgemeesters van de grote steden heel gemakkelijk een front vormen en als
bestuurders kleinschaliger verantwoordelijkheid opeisen. Ze willen vertrouwen
krijgen van de overheid en hebben een apparaat om dingen beter te regelen. Maar
kleine gemeenten hebben dat niet en hebben ook niet zo’n concentratie aan
problematiek als de grote steden!
P. 37
Burgers kunnen in vrijwilligerswerk
uitstekend hun bijdragen leveren aan de samenleving. Dat kan nog steeds. Op vrijwillige
basis natuurlijk. Zelfs makkelijker door on-line vrijwilligers te vragen voor –
ad hoc – klussen e.d.
Initiatieven
als energiecollectieven, bibliotheek-initiatieven, broodfondsen e.d. moeten
burgers ondernemen als gevolg van VERKEERDE besluitvorming van de overheid. Want
de burger zit er helemaal niet op te wachten om dergelijke initiatieven te
moeten nemen. Die wil dat dingen gewoon goed geregeld worden door de overheid.
Zaken, zoals
energievoorziening, post, wáren goed geregeld door publieke organisaties. Maar
nu krijg ik mensen van de Nuon langs die me vertellen dat het onderbrengen van
gas en elektra bij één leverancier goedkoper en efficiënter is. Inderdaad, zo
was het al geregeld voorheen.
Bibliotheken
functioneerden uitstekend. Contributie 25 euro. Nu is de contributie omhoog
naar 40 euro, maar worden er bibliotheken opgeheven en moeten mensen
uitleencentra inrichten. Gek hé! Hoe zou dat nou komen.
Mensen willen
hun geld niet meer aan Oxfam Novib geven, omdat ze lezen dat bestuurders daar
niet meer vanuit hun hartstocht hun werk doen, maar om groot geld te verdienen.
De sociale doelen van de overheid:
rechtvaardigheid, emancipatie, zorg, zijn inderdaad onverminderd geldig gebleven.
Wie zegt dat de
financiering een onoverkomelijk probleem wordt? Dat is een waanidee van
beleidsmakers. Er wordt enorm veel geld verspild, zeker ook vanwege
marktwerking (marketingbudgetten, communicatie-afdelingen, complexe verantwoordings-
en financieringssystemen, raden van bestuur en raden van commissarissen
instellen, waar vroeger één directeur zijn werk deed etc.).
Een
kleinschaliger inrichting, ingrijpen van de overheid bij megalomane projecten,
managementlagen er tussenuit … kan allemaal leiden tot besparing. En als het
puntje bij het paaltje komt zijn burgers bereid veel geld neer te tellen voor
rechtvaardigheid, emancipatie en zorg.
Dus de echte
vraag is: wat is er mis met overheidsgefinancierde instellingen? Wat is er mis
met de publieke zaak?
De publieke
zaak is verkwanseld en overgeleverd aan de moraal van de markt.
De markt waar
het de gewoonste zaak van de wereld is mij een zak peren te verkopen waarvan de
drie onderste al verrot zijn. Dan hebben we te maken met een slimme
marktkoopman. Maar ik ben als burger de klos.
De markt waar
mij dingen worden aangesmeerd die ik niet nodig heb. En ik ben als burger de
klos.
In een publieke
instelling is alles erop gericht de burger perfecte peren te leveren door
mensen die hartstochtelijk, betrokken, integer en sober die taak willen
uitvoeren. Werken in een publieke instelling staat (weer) in hoog aanzien.
Als
instellingen burgers dingen aansmeren die ze niet nodig hebben, uit winstbejag,
heeft die overheid de moed om in te grijpen en doet wat goed is voor haar
burgers.
Ze zal immers niet kunnen leiden tot het
besluit om het dan voortaan maar zonder burgerkracht te doen. De
ontwikkelingen zijn immers onomkeerbaar.
Lees wat er
staat! Hoezo onomkeerbaar?
Er dienen zich
nieuwe sociale krachten aan? Leeft u in
een andere samenleving dan ik?
Sociale wijkteams worden alleen
succesvol als ze bij burgerkracht aansluiten, zowel bij individuele burgers als
op straat- of wijkniveau?
Wat moet ik mij
nu voorstellen bij burgerkracht op straatniveau? Het is echt een onzin-zin.
Heeft u in uw straat al te maken met burgerkracht op straatniveau?
Institutionele organisaties vormen zich
om naar wat mensen nodig hebben.
Dat zou fijn
zijn inderdaad. Maar dat het nodig is om zo’n zin in een essay op te schrijven
is toch wel treurig. Er staat immers dat institutionele organisaties nu niet
zijn ingericht op wat mensen nodig hebben. Of staat dat er niet? Maar wat wordt
er dan bedoeld?
P. 45
Geholpen worden door beroepskrachten.
Inderdaad het
professionalisme moet uit de klauwen van de bureaucratie en de vrije markt
gered worden.
Professionals
moeten zich niet laten koeieneren door bestuurders, managers, ambtenaren en
burgers.
P. 48
Waar leidt u uit af dat de context sterk
wordt bepaald door lokalisering en een heroriëntatie op de leefwereld en de
eigen kracht van burgers?
In
beleidssferen kennelijk, maar in de samenleving?
Aha, 130 (!) projectleiders
die bij wijkteams betrokken zijn, denken dat. Misschien een wat eenzijdig
samengestelde groep om daar zo’n algemeen geldende uitspraak aan te ontlenen.
En dan komt er
iets moois: de AdV professional (van Achter De Voordeur): een nieuwe
professionele discipline.
Lees wat er
staat!
Deze AdV
professional gaat actief op de handen zitten (p. 49), Het staat er echt.
Movisie heeft
al een competentieprofiel opgesteld. En TMA heeft een profiel opgesteld van “best
persons”.
Als het niet zo
erg was, zouden inmiddels de tranen over je wangen biggelen van het lachen.
p. 50 spreekt over spinnen in het web
die elkaar in de weg zitten….. en dan komt de informele zorg, of breder
burgerkracht die niet langer het verlengstuk is van professionele interventies,
maar de basis van waaruit die interventies kunnen starten.
Opnieuw mijn
vraag: in welke wereld leeft u toch? Mensen die om hulp vragen komen er met hun
naaste omgeving niet meer uit. Die hele voorfase is allang gepasseerd als
mensen om hulp roepen. Dat doet de meerderheid van de burgers niet zo gauw.
De goede
buurvrouw, de kroegbaas, de collega, de vrijwilliger, de voorleesmoeder…. heeft
allemaal niet geholpen. en dan komt, terecht, de professional in beeld en die
moet dan NIET aankomen met burgerkracht .
P. 52 een relaas wat erop neerkomt dat
vooral niet-professionals in de buurtteams zouden moeten werken. OF de AdV
specialist als volwaardige discipline. Open professionaliteit???
Je probeert
problemen zoveel mogelijk op te lossen zonder specialistische tweedelijns ondersteuning.
Kijk daar hebben we het al. Dat wordt de target. Daar wordt de AdV’r op
afgerekend.
Profiel
WIJEINDHOVEN om te huiveren. Idem dito SCHEMA burgerkracht.
WIJEINDHOVEN in 2015 moeten er 350 generalisten
rondlopen die gaan gespecialiseerde zorg inkopen. Hee, was dat geen term uit de vrije
markt? Er is een kwartiermaker aangesteld. Hee, oude wijn in nieuwe zakken? Er
is zelfs een heldere missie geformuleerd. Hee, gaan we weer bedrijfje spelen? En
ja hoor, daar is de ondernemingsstructuur al!
En 350 mensen
alleen al in Eindhoven!
Samenkracht op p. 57
Met klem
verzoek ik beleidsmakers om de taal niet te misbruiken door een non-woord als
“samenkracht” te bedenken. Verschrikkelijk!
Burgers zitten ook bij de
sollicitatiegesprekken
….De verwachting is dat het snel een
jaar of twee, drie zal kosten voordat de WIJ professionals generalisten zijn
geworden.
Het staat er
echt. Dus de eerste twee, drie jaar mag er van alles fout gaan, want de
wijkteams zijn nog niet goed ingewerkt en ingespeeld op elkaar.
Maar wel: voorkomen
dat je te snel escaleert naar de tweede lijn.
Er wordt
weerstand verwacht (altijd handig, weerstand, waarmee kritiek bij voorbaat
weggewuifd kan worden).
Baken zes (p. 63) : de gemeente als
ketenregisseur die zorgt dat er in ketens wordt samengewerkt. Werkte kennelijk niet. Het is
bureaucratentaal zegt dit verhaal.
Wat dacht u van
AdV professional? Samenkracht? Burgerkracht? Is dat geen bureaucratentaal?
Maar oké,
ketens zijn weer uit. We zoeken het nu in de dagelijkse realiteit van de
mensen. Kokers moeten hun werkzaamheden niet op elkaar afstemmen, nee, ze
moeten hun kennis dienstbaar maken aan de vraag die aan de orde is.
Dan volgt een
wonderlijk rijtje uitgangspunten.
Inhoudsloos. Ga
uit van het alledaagse leven van de mensen….Zorg dat mensen eigenaar blijven van de oplossingen……….
Eigenaar van
een oplossing zijn? Is de oplossing niet goed dan is de burger eigenaar, dus is
de hulpverlener niet meer verantwoordelijk of zo? Wat bedoelt u nu toch te
zeggen?
Leg verbindingen met van alles en nog
wat maar ook met niet professionele hulpbronnen?
De deskundigen
komen naar u toe, gebiedsgericht werken ?
Wat draagt het wijkteam bij aan de
kracht van burgers en wijken? p. 67
Zomaar, in zijn
algemeenheid? Waarom moet een burger kracht hebben? Burgerkracht ontwikkelen is
een duister begrip.
P. 73 de
organisatorische inbedding………
P, 74 Het
transitie en transformatiediscours……. de
euro’s vliegen in het rond, vrees ik.
De Financiën p.79
Jeugdzorg,
AWBZ/WMO, Participatie
75% minder hulp
bij het huishouden, o nee, toch maar 50% minder. Over vertrouwen wekken
gesproken.
Er moeten
nieuwe institutionele arrangementen worden georganiseerd… Geen
competentie-ijver (dát lijkt me een goed idee), geen perverse prikkels. Ook
goed.
Gebiedsgerichte populatiegebonden
financiering
Als het al ingewikkeld
klínkt, zal het feitelijk ook wel veel te ingewikkeld zijn, denk ik.
Hilhorst: teams kunnen voor zichzelf
meer tijd verdienen als ze minder doorverwijzen naar duurdere ,
gespecialiseerde zorg. Het team krijgt dan en lagere case-load.
Er staat dus:
hoe minder een team doorverwijst, des te minder burgers ze in hun caseload
krijgen. En dat is géén perverse prikkel? Waarom zou een goede hulpverlener
geprikkeld moeten worden is de vraag. Het enige wat een hulpverlener (al dan
niet in een team) moet doen is analyseren wat er aan de hand is en de juiste
hulp verlenen: doorverwijzen als dat nodig is, niet doorverwijzen als het een
eenvoudige kwestie is.
Niet meer en
niet minder.
Er komt een kwaliteits- en
budgetregisseur…. En ja hoor, registratiesystemen.
P. 89 de hele gemeentelijke ambtelijke
organisatie moet worden heringericht
…………de euro’s
zie ik al in het rond vliegen
p. 91 Enig
cynisme is wel op zijn plaats, me dunkt.
p. 93 De burgers al probleemeigenaars
Wat wordt
hiermee bedoeld? Het begint met een
burger die hulp nodig heeft, een probleem heeft dat hij niet alleen kan
oplossen. Maakt het wat uit als hij probleemeigenaar genoemd wordt?
P. 94 en natuurlijk zullen burgers
vreemd opkijken als ze met andere oplossingen worden geconfronteerd dan een
gang naar een specialist of deskundige.
“Burgerkracht”
lijkt een soort mantra te worden. Alles is goed zolang er maar geen specialist
wordt ingeschakeld, of een deskundige. Daar gáát het toch niet om. Dat is toch
de vraag niet.
P. 95:
wijkteams onderbrengen in buurtcoöperaties???
P. 97:
Probleem 1: de breedte
Naast het wijkteam een STIP voor kleine
dingen, en een regieteam voor complexe dingen.
Maar dat leidt
tot nieuwe problemen, zo lees ik. Jongens
toch, jongens toch.
AHA, het wordt
een netwerkorganisatie waarin het wijkteam de spil is (spin in het web?)
Relevante
rapportages vanuit de loketten (STIP), voldoende massa voor de wijkteams, specialismen
op afroep onder regie van het wijkteam en heldere informatiesystemen.
Het klinkt als
een enorme warboel, waar niemand meer ergens verantwoordelijk voor is, behalve
dan de burger die probleemeigenaar is én die eigenaar is van de oplossing. Wat
probeert u hiermee nu te zeggen?
Probleem 2: de aanpak
Het idee van de wijkteams is er om te
voorkomen dat er te snel duurdere specialistische zorg wordt ingeschakeld.
Dat het beroep
op tweedelijnszorg moet worden verkleind is niet omdat die zorg niet zou deugen
en al evenmin omdat er bezuinigd moet worden, lees ik. Waarom dan wel?
Maar omdat de institutionalisering het
beroep erop onnodig heeft vergroot door financiering o.b.v. verstrekkingen.
Ligt daar niet
gelijk de oplossing voor het probleem?
Niet meer zo financieren dus. Geen perverse prikkels.
Probleem 3: de bezetting
Het belangrijkste is dat de burgers om
wie het allemaal draait zorg en aandacht krijgen op een kwalitatief passend
niveau.
Er wordt,
hopelijk, bedoeld dat de burger die om hulp vraagt goede hulp moet krijgen. Niet
meer en niet minder.
Die kwaliteit is dan wel een andere dan
die de afgelopen jaren gangbaar was, maar het is en blijft kwaliteit. (P. 100!!!)
Dit is een
wonderlijke zin. Wat wordt ermee bedoeld? Wordt de burger beter geholpen of
minder goed geholpen. Minder goed, moet de conclusie luiden, maar dat schrijven
we niet zo op, we verhullen die conclusie door dit soort taalgebruik.
Probleem 4: de buurt
Wat is de rol van de burgers? Als een
team zich niet verbindt met de burgerkracht ….
Ik probeer mij
nu een team voor te stellen dat zich niet verbindt met de burgerkracht. Wat
doet dat team dan niet? Of misschien de boel omdraaien: wat doet een team als
het “zich verbindt met burgerkracht”?
Voorbeelden:
open maaltijden van buurtbewoners, buurtcoöperaties…. To do what?
Probleem 5: de organisatie
Moet er een andere organisatievorm komen? Zijn
sociale wijkteams uitvoeringsorganisaties van de gemeente Wie bepaalt wat ze
moeten doen? Hoe en aan wie leggen ze verantwoording af? Aan de gemeente? Aan burgers?
(p. 102 inmiddels).
Dat is allemaal
nog niet duidelijk. Gelukkig, denk ik, het is nog niet te laat om in te
grijpen.
De gemeentelijke
overheid uitvoerder maken? Nee, want is een beroerde uitvoerder. Wel
democratisch gecontroleerd. Bovendien gaat de overheid niet over de informele
component. Een appel van de overheid op buurt- en burgerkracht zal verkeerd
overkomen.
De oude
(zorg-)instellingen. Idem een probleem, voortgekomen uit burgerinitiatieven
(welzijnswerk etc.) inmiddels achterban kwijtgeraakt.
Het
alternatieve veld, Thomashuizen, ouderparticipatiecrèches e.d. zijn niet op
tijd robuust genoeg…..
Over de mogelijke rol van de markt
kunnen we kort zijn: daar is perspectief als er sociale ondernemers opstaan.
Laten we reëel blijven: de kans dat hier goed geld valt te verdienen is niet
groot.
Alleen kan niemand het.
Zoeken naar samenwerkingsconstructies.
Publiek-private partnerships, maar dan een stuk ingewikkelder. ECHT, HET STAAT ER.
omdat burgers er de sturende rol in moeten
spelen, als drager, agendasetter, als opdrachtgever en verantwoordingskader. Het
enige wat vooralsnog duidelijk is is de zoekrichting.
Let wel: de
zoekrichting. Intussen worden er, kennelijk, honderden ambtenaren met deze
beleidsbrij en mistige terminologie overladen. Gaan ze vast en zeker naar
trainingen, cursussen, workshops. Worden er adviesbureaus ingehuurd. Verdienen
zzp’rs die met de mistige beleidstermen kunnen rondstrooien er bakken geld aan.
Probleem 6: de financiering
Outcome financiering op het behalen van
resultaten in een gebied/populatie
Allemaal niet
duidelijk gedefinieerd. Mist.
De ratio van de vernieuwing is niet dat
er bezuinigd moet worden.
En gie geleuft
dat? Welk idee zit er dán achter?
Werkverschaffing? Zullen we maar weer eens iets nieuws beginnen in plaats van
analyseren wat er mis is in de huidige instituties en dát snel en simpel aanpakken.
De wijkteams zullen niet alleen
zorgconsumptie terugdringen, maar ook aanwakkeren als ze burgers outreachend
tegenkomen die wel zorg nodig hebben en het nog niet hadden.
Het woord
“outreachend” nog even daargelaten…. inderdaad, wie burgers gaat vragen of ze
soms ergens hulp bij nodig hebben, loopt de kans dat het antwoord ja is en als
een probleem dan goed wordt opgelost, is dat geen zorgconsumptie, maar goede,
adequate hulpverlening, die mogelijk zelfs een groter probleem heeft voorkomen.
(Maar bewíjs dat maar eens, dat kan natuurlijk niet. Dat is een kwestie van
vertrouwen op de deskundigheid van de hulpverlener. Zorg er alleen wel voor dat
er geen perverse prikkels zijn).
Een acuut probleem is dat de kost voor
de baat uitgaat. Reorganiseren kost geld.
Juist, en
vooral als slechts de zoekrichting duidelijk is. Nou ja, duidelijk… Ik vrees dat er al vele euro’s verspild zijn.
p. 106 Innovatiestrategie. Nederland zit
middenin de grootste sociale omwenteling sinds 100 jaar.
Het staat nu
echt vast, ik heb onder een steen geleefd de afgelopen jaren.
De verzorgingsstaat wordt ontmanteld en
op lokaalniveau komt iets nieuws, maar men weet nog niet goed wat. Het is de
bedoeling dat in elke gemeente het wiel opnieuw wordt uitgevonden. Alleen dan
kan een gevoel van eigenaarschap ontstaan.
Het staat er
allemaal echt. Ik heb het niet verzonnen.
Op ambtelijke wijze lokale
welzijnslandschappen creëren. Het staat er echt.
Het moeten werkplaatsen worden waar
vertrouwen vorm kan krijgen.
De kunst zal zijn om de sociale
wijkteams de tijd te gunnen om zich dit vertrouwen eigen te maken.
MIJN CONCLUSIE
Na lezing van
de eerste helft van het essay kwam het woord beleidsbrij bij mij op. Ik heb het
nu helemaal bestudeerd en als bezorgde burger slaat mij de schrik om het hart
dat er in dit soort vage termen gesproken worden over hulpverlening aan
burgers. En dat er een – kennelijk – grootschalige verandering in gang wordt
gezet zonder duidelijke analyse en zonder duidelijk doel en zonder dat de
burger iets gevraagd wordt.
Het komt op mij
over als totaal losgezongen van de werkelijkheid.
En ik vrees dat
u dat niet zult herkennen, omdat u zich waarschijnlijk begeeft in gezelschappen
waar het gebruikelijk is om zo te praten en te schrijven.
Ik hoop dat ik
het mis heb, maar ik vrees het ergste.
Ans Bouter
14 oktober 2013
Geen opmerkingen:
Een reactie posten